Wat is netcongestie?
Elk netelement (zoals een lijn, kabel of transformator) heeft een bepaalde capaciteit, wat betekent dat het een bepaalde hoeveelheid stroom kan verwerken (uitgedrukt in MVA). Een kabel of lijn is begrensd in vermogen.
Wanneer iemand verbinding wil maken met het net, moet die dat aanvragen bij de transmissienetbeheerder (voor grote industriële klanten) of distributienetbeheerder (voor kleinere industriële klanten en gezinnen). Dit kan iemand zijn die stroom produceert en dus injecteert in het net, iemand die stroom nodig heeft en dus afneemt van het net, of beide.
Het is de taak van de netbeheerder om te berekenen of er voldoende capaciteit is op het net om alle stroom die theoretisch hierdoor op het net kan komen, ook effectief op elk moment door elk netelement te laten stromen. Dit geldt ook in geval van een incident op een bepaald netelement (de zogenaamde N-1 situatie).
Wanneer dit niet op elk moment kan gegarandeerd kan worden, spreken we van congestie op die lijn of dat transformatorstation. Netcongestie treedt op wanneer de vraag naar of het aanbod van elektriciteit de fysieke capaciteit van het elektriciteitsnet overschrijdt. Het heeft dus niets te maken met de vraag over voldoende stroom beschikbaar is (bevoorradingszekerheid).
Wat is een aansluiting van een hoog of zeer hoog vermogen?
Een aansluiting van hoog of zeer hoog vermogen is typisch een middenspanning elektriciteitsaansluiting van 100 kVA en meer, bedoeld voor bedrijven die veel vermogen nodig hebben.
Is er vandaag al netcongestie in Vlaanderen?
Op vandaag is er nog geen reële netcongestie. Het aantal aanvragen voor nieuwe aansluitingen of verzwaring van een bestaande industriële aansluiting is de afgelopen tijd zo sterk toegenomen dat in toekomst in sommige delen van Vlaanderen mogelijks verzadiging van ons net kan voorkomen. We spreken dan van verwachte netcongestie. In gebieden van verwachte netcongestie in Vlaanderen kunnen we het gewenste vermogen voor bepaalde projecten en aanvragen niet op de klassieke manier toekennen maar moeten we kiezen voor een flexibele aansluiting zoals Fall-Back Flex. Zo voorkomen we dat het net op momenten van piekbelasting onder te hoge druk komt te staan en er effectief netcongestie optreedt.
Wat is een flexibele aansluiting?
Om op korte termijn nog maximaal te voldoen aan de vragen van het bedrijfsleven, voorzien we heel wat flexibiliteitsoplossingen:
- ‘Fall-Back Flex’ op het distributienet: In afwachting van de uitgewerkte regelgeving rond flexibele aansluitingscontracten kunnen bedrijven die zich in een congestiezone bevinden instappen in een lokale flexibiliteitsmarkt. Zo kan bijkomend vermogen in de zone toegelaten worden. ‘Fall-Back Flex’ biedt een tijdelijke oplossing voor de huidige bedrijvendossiers die bij Fluvius en Elia op tafel liggen. Het zorgt er mee voor dat Vlaamse bedrijven ook in de komende maanden en jaren voort kunnen elektrificeren.
- Een flexibel aansluitingscontract op het distributienet en het Vlaamse net van Elia (30-70 kV): Het elektriciteitsverbruik bij bedrijven is erg afhankelijk van concrete bedrijfsprocessen. Een bedrijf heeft niet altijd de volledige capaciteit van zijn aansluiting nodig. Vaak kan er flexibel geschakeld worden tussen elektriciteit (bijvoorbeeld bij e-boilers) en andere energiebronnen (zoals gas of een warmtekrachtkoppeling). Met een flexibele aansluiting kan het gewenste verbruik van het bedrijf via modulatie afgestemd worden op de beschikbare capaciteit op dat moment. Hierdoor kunnen meer bedrijven worden toegelaten op het net. Op dit moment (voorjaar 2026) wordt de regelgeving rond flexibele aansluitingscontracten op het distributienet van Fluvius en het Vlaamse net van Elia concreet uitgewerkt.
Wat is het verschil tussen Fall-Back Flex en een permanente aansluiting?
Bij een permanente aansluiting kan een bedrijf altijd beschikken over het volledig vermogen van zijn aansluiting. In gebieden met verwachte netcongestie, zijn permanente aansluitingen voor hoge vermogens niet meer mogelijk omdat er dan reële netcongestie zou optreden die de stabiliteit en veiligheid van het net in gevaar zouden brengen. Maar bedrijven niet meer aansluiten, is geen realistische oplossing.
Voor aanvragen in regio’s waar netcongestie wordt verwacht, bieden wij een flexibele aansluiting aan, zoals Fall-Back Flex. Dit houdt in dat bedrijven doorgaans het volledige vermogen van de aansluiting kunnen benutten, maar dat in bepaalde situaties en op specifieke tijdstippen het beschikbare vermogen tijdelijk kan worden verlaagd om daadwerkelijke netcongestie te voorkomen. De beperking betreft een percentage van het totale vermogen, waarbij dit percentage wordt bepaald door de beschikbare capaciteit in het betreffende gebied. Naarmate de verwachte netcongestie toeneemt, zal ook het vereiste aandeel flexibiliteit groter zijn.
Wat kost een Fall-Back Flex-aansluiting voor een bedrijf?
Als een bedrijf al een aansluiting op het distributienet heeft, kan die gebruikt worden. Via de marktwerking wordt op de gevraagde momenten het vermogen dan aangepast naar de noden van het net. Indien een nieuwe aansluiting nodig is, gelden de gekende niet-periodieke tarieven (link naar pagina tarieventool).
Hoe zit het in onze buurlanden? Worden zij ook met dergelijke uitdagingen geconfronteerd?
Ja. De uitdagingen waar Vlaanderen mee geconfronteerd wordt, komen ook voor in onze buurlanden. Alle buurlanden worden geconfronteerd met de uitdagingen die elektrificatie en de energietransitie met zich meebrengen.
Daarnaast is de huidige groei van aanvragen voor batterijen en datacenters zelfs een direct gevolg van de problematieken waar onze buurlanden ook mee geconfronteerd worden. We spreken hier van een aanzuigeffect: doordat onze buurlanden al strengere regels hebben geïmplementeerd over aansluitingsaanvragen merken we weer een groei in België.
Zitten we in een vergelijkbare situatie met Nederland?
Neen. Die vergelijking gaat niet op. Nederland worstelt al meer dan twee jaar met reële netcongestie. De omvang is ook veel groter. In veel delen van Nederland is er beperkte of zelfs geen nieuwe transportcapaciteit beschikbaar. Om dit probleem aan te pakken, zijn netbeheerders in Nederland begonnen met het verplichten van congestiemanagement. Dit houdt in dat grootverbruikers op piekmomenten minder elektriciteit gebruiken of leveren om overbelasting te voorkomen. Dat is een verplichting. Wij werken nog aan de mogelijkheid om dit te kunnen aanbieden. In Nederland is er ook impact op residentiële klanten. Dat is in Vlaanderen niet het geval.
Waarom is er alleen impact voor bedrijven en niet voor gezinnen?
Bij het beheren van het elektriciteitsnet voorziet de netbeheerders sowieso altijd een zekere capaciteit voor het onderliggende niveau. Dus ook voor het laagspanningsnet, waar de gezinnen op aangesloten zijn.
De snelheid waarmee het gevraagde vermogen op laagspanning stijgt verloopt anders: dat is de optelsom van tienduizenden individuele aanvragen. Bij de bedrijven op het Vlaams middenspanningsnet kan één klantvraag voor een groot of heel groot vermogen plots een enorm verschil qua beschikbare capaciteit maken.
Moet ik als particulier actie ondernemen?
We vragen van onze klanten geen specifieke actie; er is momenteel geen reden tot ongerustheid. Uiteraard blijft het nuttig om je eigen pieken te spreiden en je zonne-energie liefst meteen te verbruiken. Dat is goed voor je portemonnee én helpt ook bij het beheer van onze elektriciteitsnetten. De netcongestieproblematiek speelt op dit moment niet bij gezinnen en particulieren.
Zal het licht uitgaan in Vlaanderen?
Er is op dit moment verwachte netcongestie en geen reële netcongestie in Vlaanderen. Als we niets doen, dan zullen we mogelijks wel met reële netcongestie geconfronteerd worden. Daarnaast is het geen probleem van bevoorradingszekerheid, er is voldoende elektriciteit om de behoefte in Vlaanderen te dekken. Netcongestie gaat over de transportcapaciteit, de hoeveelheid stroom dat we door onze netwerkencomponenten en die van Elia veilig kunnen sturen.
Hadden jullie dit niet kunnen zien aankomen?
Als netbeheerder voeren we voortdurend analyses en controles uit op onze elektriciteitsnetten. We hebben een uitgebreid investeringsplan dat tien jaar vooruitkijkt en beschrijft hoe we onze netten klaarstomen voor morgen. Onze berekeningen tonen aan dat we moeten ingrijpen om reële netcongestie te voorkomen. Daarom nemen we nu maatregelen, zoals flexibele aansluitingen, om erger te vermijden.
Het blijft wel moeilijk om te voorspellen welk bedrijf waar en op welk moment wil elektrificeren of uitbreiden. Met het initiatief EnergieGRIP brengen we de energietransitieplannen van bedrijven beter in kaart, zodat we gerichter kunnen investeren.